|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Marius Job Cohen (Haarlem, 18 oktober 1947) is een Nederlands politicus. Hij is momenteel burgemeester van de gemeente Amsterdam. Eerder was hij onder meer staatssecretaris van Justitie. Cohen is lid van de Partij van de Arbeid.
bewerk BiografieCohen is de tweede zoon van Dolf Cohen en Hetty Koster, beiden historici. Zijn ouders waren vrijzinnig-joods. Ze verloofden zich in 1940, maar moesten apart van elkaar onderduiken en zagen elkaar pas terug na de Tweede Wereldoorlog. Cohens grootouders van vaderszijde kwamen in de oorlog om in concentratiekamp Bergen-Belsen. Cohen groeide op in Heemstede, en volgde het Stedelijk Gymnasium Haarlem van 1960 tot 1966. Zijn vader was in die tijd hoogleraar, en later Rector magnificus aan de Leidse universiteit. Cohen werd op 1 september 1967 lid van de Partij van de Arbeid en vervulde tal van bestuursfuncties in de partij-organisatie. bewerk Academische loopbaanCohen studeerde rechten aan de Rijksuniversiteit Groningen van 1966 tot 1971. Gedurende zijn studie was hij actief lid van het Groninger Studenten Corps "Vindicat atque Polit" en Groninger Studentenmuziekgezelschap "GSMG Bragi". Hij was bij 'Vindicat' actief als redacteur van de Groninger Studenten Almanak. Van 1 september 1971 tot 1 september 1981 was hij wetenschappelijk medewerker bij het Bureau Onderzoek van Onderwijs aan de Rijksuniversiteit Leiden. Hij promoveerde aan deze universiteit in juni 1981. Cohen was vanaf 1 september 1981 verbonden aan de Universiteit Maastricht, als wetenschappelijk hoofdmedewerker, en voorzitter van de commissie die de oprichting van een juridische faculteit voorbereidde. Op 1 september 1983 werd Cohen hoogleraar methoden en technieken aan de juridische faculteit; per 1 januari 1991 was hij tevens Rector magnificus. bewerk StaatssecretarisschapOp 2 juli 1993 werd hij staatssecretaris van Onderwijs in het Kabinet-Lubbers III, toen Jacques Wallage na de val van Elske ter Veld doorschoof naar Sociale Zaken. Een jaar later liep de termijn van dit ministerie af, en Job Cohen keerde terug op zijn post in Maastricht. Wel hield hij als lid van de Eerste Kamer voeling met het landsbestuur. Cohen begon een sabbatsjaar op 1 januari 1998, maar nam reeds in februari van dat jaar een functie op zich: hij werd interim-directeur van de VPRO, tot 15 augustus van dat jaar. Op 3 augustus zegde hij zijn lidmaatschap van de Eerste Kamer op omdat hij staatssecretaris van Justitie werd in het Kabinet-Kok II, voornamelijk voor Vreemdelingenzaken. In die hoedanigheid was hij verantwoordelijk voor de nieuwe Vreemdelingenwet, die de toelating van vluchtelingen moest beperken tot de "echte gevallen". bewerk BurgemeesterschapEind 2000 werd bekend dat Cohen Schelto Patijn zou opvolgen als burgemeester van de gemeente Amsterdam. Op 31 december 2000 trad hij terug als staatssecretaris, om op 15 januari 2001 benoemd te worden als burgemeester. "Persoonlijk hoogtepunt" heel vroeg in zijn burgemeesterschap was het sluiten van het eerste homohuwelijk op 1 april 2001. Een belangrijke feestelijke gebeurtenis was het burgerlijk huwelijk van kroonprins Willem-Alexander en prinses Máxima, dat Cohen op 2 februari 2002 in de grote zaal van de Beurs van Berlage sloot. Op 26 november 2002 sprak Cohen in het groot auditorium van de Universiteit Leiden de Cleveringa-lezing uit. Bij de Tweede Kamerverkiezingen 2003 werd Job Cohen gevraagd om eventueel minister-president te worden, mocht de PvdA als winnaar van de verkiezingen uit de bus zou komen. Dat gebeurde echter niet, en Cohen bleef aan als burgemeester. Een dieptepunt was de moord op Theo van Gogh, op 2 november 2004. Cohen sprak 's avonds tijdens een herdenkingsmanifestatie op de Dam, hoewel de columnist bij leven vaak felle kritiek had geuit op Cohen. Bij de uitvaartsdienst enkele dagen later was Cohen in eerste instantie niet uitgenodigd, maar hij kreeg na overleg met de familie van Van Gogh een plek achterin de zaal. Op 27 januari 2006 maakte Cohen bekend beschikbaar te zijn voor een tweede termijn als burgemeester van Amsterdam. De gemeenteraad van Amsterdam heeft Cohen ook genomineerd voor deze tweede termijn. Cohen is in 2006 genomineerd voor de World Mayor Award 2006. In totaal 50 burgemeesters van alle vijf continenten werden genomineerd. Cohen is als tweede geëindigd, na John So van Melbourne. bewerk KritiekCohen is vaak verweten als burgemeester een softe aanpak voor te staan, en daardoor de criminaliteit en overlast van jongeren in zijn stad op zijn beloop te laten. Op 2 mei 2006 stelde minister Rita Verdonk bijvoorbeeld dat Amsterdam een bananenrepubliek lijkt te worden, waarbij ze verwees naar criminele afrekeningen in de stad, overlast van jongeren en het veiligheidsbeleid in het algemeen. Op 13 mei 2006 bleek echter uit de jaarlijkse Misdaadmeter van het Algemeen Dagblad dat Amsterdam het niet slecht deed op het gebied van veiligheid en criminaliteitsbestrijding, onder andere door een gerichte aanpak om veelplegers van straat te halen. Cohen zei hierover: "Ik heb altijd gezegd dat het een aanpak van hard én zacht is, maar op de één of andere manier blijft alleen het sociale deel hangen. Dat moet dan maar. Het is natuurlijk wel zo dat je beter kan voorkomen dat mensen afglijden en in die probleemgroep komen, dan dat je ze eruit moet halen." bewerk PersoonlijkOp 2 juni 1972 trouwde hij in Groningen. Hij heeft een zoon en een dochter. bewerk Literatuur
bewerk Prijzen en waarderingen voor Job Cohen
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| All Right Reserved © 2007, Designed by Stylish Blog. |